Eddy Oude Voshaar komt op zijn wandeling door het Gildehauser Venn honderden schapen tegen. Dat levert een prachtig gezicht op.
Eddy Oude Voshaar komt op zijn wandeling door het Gildehauser Venn honderden schapen tegen. Dat levert een prachtig gezicht op. (Foto: )

Herfst in het mooie Gildehauser Venn

Wandelen met Eddy

door Eddy Oude Voshaar

De Twentse chroniqueur Eddy Oude Voshaar maakt elke week voor dé weekkrant een wandeling bij ons in de regio. Deze week gaat het naar het Glidehauser Venn waar enkele bijzondere ontmoetingen heeft.

Gildehaus - Woensdagmorgen. Feeërieke zon met lichte nevel. Uit de nevels komt uit het niets een amazone op een zilveren paard. Wat zal ze op die hoogte een prachtig uitzicht hebben op de weg die haar naar de bergkammen in Gildehaus brengt. Aan de horizon schittert in een zilveren gloed vaagjes het Bentheimer slot. De dame op het zilveren paard verdwijnt in de nevels die hier als een deken over de vennen liggen. Het weggetje wandelt naar een van de twee uitzichttorens in het ven.

Nu de mist verdampt, komen de schapen tevoorschijn. Het zijn honderden blatende schapen die hier de heide bevrijden van het wild groeiende helmgras. Drie dampende hardlopers lopen langs de houten toren en worden opgeslokt in de optrekkende nevels. Dan neem ik de trap naar beneden en wandel het glinsterende paadje op dat golvend door het Gildehauser Venn loopt. De schapen zitten achter een gaas dat onder lichte spanning staat. Ze staan op als ik langs het draad wandel. Het is goed te zien waar ze gegraasd hebben. De paarse heide is verlost van het overwoekerende wilde gras.

Dáár! Een zwarte ree. Zomaar tussen het hoge oranje-gele gras. Een zwart liefelijk kopje. Ze kijkt me aan en ze blijft zitten. Ze voelt zich blijkbaar beschermd in het hoge helmgras. Onderzoekend kijkt ze me aan. De afstand tussen ons zal 50 meter zijn. Héél voorzichtig pak ik mijn camera uit mijn fototas en leg ik de zwart fluwelen ree vast.

Voorzichtig loop ik verder langs de tweede uitkijktoren en ik bevind me op een zandweg die mij naar het Ruenbergerland brengt. Er komen witte vegen aan de hemel en de zon neemt in kracht toe. De betovering lost met de optrekkende mist op. Een Dalmatiër in witte en zwarte vlokken springt tegen mij op. ''Hierrr, du zolst hierrr kommen'', hoor ik een vrouwenstem schreeuwen. De vrouw (in een wollen mantelpak) biedt haar excuses aan. Het is goed maakt niet uit, zeg ik tegen haar. ''Das macht wohl wat aus!'', zegt ze streng tegen mij.

Dan langs een houten wachthokje. Er staan enkele Duitse fietsen in het fietsrek naast het houten schuurtje. In een weiland staat een stenen grenspaal. Het bospaadje loopt door een vlammend beukenbos waar nog even gouden zonnestralen spelen met licht en schaduw. Veel printafdrukken van reeën hier. Eens liep ik hier samen met Roel de ultraloper, dit ter voorbereiding van de marathon van Berlijn. Roel die liep elke dag wel 20 kilometer en in de weekends het dubbele. Over de zestig marathons heeft hij gelopen. Hij was verslaafd aan het hardlopen en aan speculaas en meelkoekjes. Als hij van een lange loop thuiskwam, dan dook hij na het douchen in de koekentrommel en vrat die helemaal leeg. Roel verbrandde zoveel calorieën dat hij voor drie man kon eten. Elke dag liep hij van Overdinkel na zijn werk in Enschede. En terug. Meestal met een omweg. Hij vervreemde van zijn vrouw en na verloop van tijd zijn ze uit elkaar gegaan.

Het bospaadje brengt me op de Brechter Weg. Dan linksaf over dit slecht geplaveide weggetje. Deze volg ik tot het eerste zandweggetje aan de linkerzijde. Deze loopt zo schilderachtig terug naar het Gilderhauser Venn. In de weides grazen tientallen herfstkoeien. En warempel zie ik een vos! Bruinrood met haar lange staart trekt ze een zilveren spoor door de dauw. Kippenvel. De koeien schrikken niet van hem.

In de berm bloeien nog enkele madeliefjes en vliegenzwammen. De auto verschijnt aan de horizon en nog beduusd van de ontmoeting met de vos ben ik bij mijn auto aangekomen. Zo beduusd dat ik helemaal vergat om de camera te pakken. Maar dit gouden moment pakt niemand mij meer af.

Terwijl ik de auto start, besluit ik om naar Gronau te rijden en daar bij een van de vele bakkerijen een broodje gezond met een cappuccino te bestellen.

De route: Ochtruper Diek-Landwehrweg hoek auto parkeren. Dan via de Ochtruper Diek het Gilderhauser Venn in. Pijlen volgen naar uitzichttoren. Paadje volgen naar tweede toren. Linksaf bospaadje op einde rechtsaf tot op de Brechter Weg. Dan eerste zandweg links, vervolgens eind van de weg linksaf, eerste rechtsaf via de Ochtruper Diek terug bij parkeerplaats hoek Ochturper Diek-Landwehrweg.

De wandeling duurde ongeveer 80 minuten.

Peter Koehorst
Meer berichten