Foto: Picasa

Eddy wandelt door het Haaksbergerveen

De Twentse chroniqueur Eddy Oude Voshaar maakt elke week voor dé weekkrant een wandeling bij ons in de regio. Deze week trekt bij naar het Haaksbergerveen.

Het is een prachtige nevelige nazomerdag als ik rond half zes in mien auto stap Het is stil op stroat. Als ik langs het Haagse Bos rijdt, zie ik een wezel. Of was het toch een bunzing wegduiken in de sloot? De verkeerslichten nabij Lonneker springen op groen, evenals de verkeerslichten in Enschede. De stad slaapt.

Nabij het Volkspark kom ik een fietser teeng die waarschijnlijk te diep in het glaasje heeft gekeken. Dan richting Usselo langs de prachtige Usselose Es. In Usselo is het drukker dan in Enschede. Enkele tractoren met aanhang rijden deur het kleine maar gezellige dorpje. Na enkele kilometers linksaf de Oude Kampweg in. Het weggetje brengt mie in het Haaksbergerveen. Ik parkeer mien auto op de Steenhaarweg en wandel noar de Galgenslatweg. Hier is het nevelachtig mooi. Langs de bed & breakfast 'Op de Steenhaar' woar ze zo meedenkend een waterbakje veur de hond an de weg hebt neerzet.

De zon komt op en de omgeving kleurt hier verlegen rood. Dan loopt het landweggetje noar een kruuspunt en doar ligt als een eiland tussen Haaksbergen, Enschede en Buurse, breed en ver de wijde heide veur mie. Det rood-paarse heide golft als een zacht deinende zee. De zonsopkomst zet het tapijt in vuur en vlam. Nevels laten de velden los en geven zich over aan de warme gouden zonnestralen.

Daar komt mie een vrouw rijdend op een scootmobiel met haar hond aangelijnd tegemoet. ''Het is mijn laatste vakantiedag hier in Buurse'' zegt ze. ''Vanmiddag komt mijn zoon en schoondochter mij ophalen van het pension. Het is hier zo mooi zo mooi en ook nog rustig zo mooi rustig. Weet u, ik kom uit de Zaanstreek en het is nu de vierde keer dat ik mijn vakantie doorbreng in het oosten van ons land. Je waant je hier in Frankrijk. Weet u dat ik makkelijker Frans kan praten dan Twents?''

Ik ga linksaf het weggetje in dat mie noar het Buursermeertje brengt. Het weggetje is grijs en zwart en kronkelt op en neer teeng de zon in. Overal stoan berken van zilver afgewisseld met het zo heerlijk geurende gagel. Jeneverbessen ('Kwakelbussche') staan als wachters hier op de eenzame heidevelden. Een hardloopster van mien leeftijd komt me tegemoet. Haar bril is beslagen.

Er zijn dragende geluiden uut de verte. Het geblaf van een hond en het geronk van een wegstervende motor geven mie een gelukzalig gevoel.

Konijnen. Het wemelt hier van de konijnen. Tientallen kom ik er teeng. Ze zijn zo liefelijk om ze te zien met hun olijke witte staartjes. Aan de horizon liggen de dreugstoande vennen. Op de Knoefweg aangekomen ga ik rechtsaf. De zon stet inmiddels zo hoog dat ik begin te transpireren.

Langs moerassen en vennen wandelt het schone weggetje noar de Knipperweg op an. Hier in de draai neem ik plaats op een houten bankje en geniet van de atmosfeer die hier heerst. Wat een uitzicht en wat een rust. Enkele kraanvogels vliegen luid kwebbelend over mie en tientallen kraaien schrikken op van die over vliegende grote vogels. Rijk moet hier het vogelleven zijn maar tijdens de nazomer houden ze zich stil. Wel scheren er tientallen boerenzwaluwen over de velden en de mais. Nog even en ze maken zich op veur de lange reis terug noar Afrika. Zo'n klein vogeltje dat zoveul kilometers kan vliegen.

Een fietser zet zien fiets op slot en get noast mie zitten op het bankje. ''Op slot? Doet u de fiets op slot?'' Joa, ik doe mien fietse altied op slot. ''Maar u hebt de fiets twee meter van u afstoan. ''Hebst doe doar wat met te maken of ik mien fiets op slot do of niet op slot do?'' Nee, zeg ik stamelend, nee natuurlijk niet. Dan zegt ie teeng mie: ''Wos een stukste van mien sinaasappel?'' Ik durf geen nee te zeng ofschoon ik altied een wrange smaak in mien mond krieg as ik iemand bie mie in de buurt een sinaasappel zie eten. ''Elke dag fietst ik hier deur het veen. Elke dag. Weer of gen weer. Dat bin ik zo gewend en alles waj gewend bint, doar moj niet van ofwieken, dan woj ontregeld. En aj eenmoal ontregeld bint, dan zit ie nog zo niet weer op het zadel. Weej, ik voel mie net as een van die kwakelbusche die aj hier zoveul ziet stoan in de hei. Bis doe al een keer met tweeduster op de Buurserhei west? Dan ziet die Busche er heel spookachtig uut. Zo grillig en as dan ook nog de mist op kump zetten dan verandert de hei in een spooklandschap. En dan wil ie wa graag de fiets op slot do.''

De Knippertweg kronkelt eingwies op de heidevelden hen en noa 10 minuten ga ik rechtsaf de Galgenstatweg in. Uut de verte heur ik een kerkklok acht uur sloan. Het wordt noe drukker hier in het Haaksbergerveen. Hardlopers, wielrenners, hondenliefhebbers, fietsers en wandelaars weten mekaar hier op de Galgenstatweg te vinden. Een koningslibelle snort langs mie. Dan zie ik mien auto stoan en heb ik ongeveer 100 minuten gewandeld door een rood-paars tapijt dat je nergens kunt kopen.

De route: Oude Kampweg, Steenhaarweg, Galgenslatweg, Knoefweg, Knippertweg, Galgenslatweg en Steenhaarweg.

De wandeling duurt ongeveer 100 minuten.

Meer berichten