Wandelen met Eddy

door Eddy Oude Voshaar

Op de Beerninksweg waar ik mijn wandeling begin hoor je als een welkom het klateren van het kristalheldere water van de haastige Ruenbergerbeek. Enkele haagbeuken wiegen zachtjes mee op het ruisen van de wind. Op de witte brug heb je prachtig uitzicht over het dal van de Ruenbergerbeek.

Overdinkel - Hier en daar met hoge randen afgezet draait het beekje evenals de Beerninksweg als een tuinslang door het eeuwen oale laand. In het najaar komen hier de nevels die het heuvelige land nog mystieker maken. Nevels die zo gehecht zijn aan dit dal dat ze langer blijven hangen.

We gaan rechtsaf en wandelen de Ruebergerweg op. Het weggetje wordt overschaduwd door beeldbepalende dikke eiken die als ze konden spreken ons vertelden over witte wieven en andere spookachtige wezens die hier vroeger over moerassen en onafzienbare heidevelden zwierven.

Een man en een vrouw lopen mij tegemoet. ''Ook an het wandelen?'', Vraagt de man aan mij.
''Ja. Hier is het Twente op zien mooist."
''Twente, Twente, dit is geen Twente joh. Ken ie het Twentse volkslied dan nie? 'Er ligt tussen Dinkel en Regge een land, ons schone en nijvere Twente'. Nou begriep ie mie nou? Wie ligt hier bie oos in Overdinkel niet tussen Dinkel en Regge. Wie heurt nergens bie. Ik geleuf dat wie oos ma bie de Pruus ansluut"
''Piet oh Piet'', zegt zijn vrouw tegen hem. "Wat maak ie joe weer druk om niks.''

Het romantische weggetje slingert hier door bos en akkers waar in de zomer goudgeel graan staat en waar je een schitterend uitzicht hebt op het smokkeldorp. Het wandelen door dit dromerige landschap geeft mij een lentegevoel. Vlinders in de boek. Veurjoar. Wat zal het hier schitterend mooi in het veurjoar wezen.

Op de hoek van de Ruenbergerweg en Welpeloweg staat een Mariakapelletje. Er branden enkele kaarsjes en zo te zien heeft iemand net voor mij hier een vers boeketje bloemen op de vaas gezet. Ik sluit het hekje en wandel verder op het weggetje waar eens Prik en Prak met hun kinderwagen vol handelswaar de boeren bezochten, dat als je het helemaal uitloopt je bij het Drilandpunt komt. Het bekoorlijke uitzicht over de glooiende essen met aan de horizon de blinkende kerktoren van Overdinkel is hier overweldigend. Daar bij het boerderijtje dat omzoomd is met een beukenhaag heb ik eens voor enkele jaren terug een kip doodgereden. Ik remde uit volle macht, maar het witte kippetje was veel sneller dan ik. De kip pakte ik op en ging bij het boerderijtje achterom. Volk, volk, riep ik op de del. ''Loop maar deur, wie bint an het eten." Ik loop de keuken in en zei wijzend op de kip dat ik haar dood had gereden. "Dat has iets eerder mot'n doon. Dan hadden wie de kip met kunnen kok'n.''

Rechtsaf de Ficksweg in over het bruggetje dat over de Ruenbergerbeek loopt en iets verderop aan de linkerkant van het weggetje ligt een bloementuin waar je voor wat je missen wilt zomerbloemen mag plukken zoveel als je maar wilt. Linksaf de Invalsweg op. Hier en daar staat een huisje afgewisseld met tuinen en kleine weitjes waar paarden lopen. Dan rechtsaf de Dubbele weg op. Hier lopen we op de landsgrens en hier ontstond een levendige handel op smokkelwaar, en daarmee gepaarde jacht op smokkelaars. Drank, boter, koffie, kleding... Menige oude inwoner van het smokkeldorp kan je daar smeuïg over doen vertellen.

We wandelen rechtdoor op de Tiekerdamm achter de tuinen van de Duitse bewoners langs zo op de voormalige grensovergang aan. Vroeger waren hier twee slagbomen: een Duitse en een Nederlandse. We lopen over de Hoofdstraat naar Overdinkel toe langs tuincentrum Wolters en dan slaan we iets verder de Elferinksweg in. Op eind gaan we linksaf en brengen een bezoekje aan het Mariakapelletje van erve Naatsboer, een van de beste Bed & Breakfest van ons land. Het Mariakapelletje is nu omgetoverd in een ware kerststal. De beelden staan te glunderen in een neongloed van kaarsjes en theelichtjes.

De schemer is ingevallen en overal om mij heen zie ik gouden lichtjes komend uit de huizen van Gronau en Overdinkel. Uitgelaten vervolg ik in de vallende duisternis mijn weg rondom Overdinkel. Via de landelijke Goormatenweg ga ik rechtsaf de Pastoor van Laakstraat in. Halverwege de straat ligt de trots van Overdinkel, Het Gerardus Majella park. Vele paden doorkruisen het park dat kan wedijveren met de mooiste parken in ons land en waar in mei duizenden bloeiende rododendrons kleur geven aan dit prachtige park met vele beelden en uithoekjes die je nieuwsgierig maken.

We steken de Hoofdstraat over en via de Willem Gamestraat komen we in de Welpelostraat en slaan dan bij een houten landkruis linksaf de Invalsweg in en zijn terug in het dromerige golvende land van het Ruenberg. Dan zijn we terug bij het beginpunt.

De route: Beerninksweg, Ruenbergerweg, Ficksweg, Invalsweg, Dubbeleweg, Hoofdstraat, Elfrinksweg, Goormatenweg, Pastoor van Laakstraat, Willem Game straat, Welpeloweg, Invalsweg.

De wandeling was twee uur en een kwartier genieten.

Peter Koehorst
Meer berichten