Logo nieuwedinkellander.nl


Column Eddy Oude Voshaar: schaatsen op de Bleek

Soms kon het rond 1962 tijdens januari en februari zo gemeen snijdend koud zijn dat er 's morgens een ijslaagje op de deken lag.

Deur de ramen kon je niet meer kijken want die waren versierd met schitterende ijsbloemen. Het tochtte overal in ooz huus aan de Lutterstroat. Alleen in de keuken was het door de warme gloed die de kolenkachel verspreidde behaaglijk warm.


Als het vroor dat het kraakte was ma ook veul beter terecht; dan was ze minder kortademig. "Veur mie mag het altied wa vreezen," zei ze dan opgewekt.


Tegenwoordig moeten we op wintersport, maar vroeger kwam de winter gewoon elk joar weer terug op de Bleek. Na een dag of drie vriezen waren de eerste durfhals al op de Bleek aan het schaatsen terwijl het ijs kraakte en zong als het Martinikoor.


De volgende dag liep het hele dorp uut en was te vinden op en rond de Bleek. Onder de kringelde rook die uit de schoorsteen van het Blekerhuisje kwam, sloeg de damp van de vele, vele mensen die op het ies stonden, omhoog van de Bleek.

Siemerink ooze buurman, stond op zien hoge noren maar hield zich zoals elk joar vast aan zien stoel. En overal zag je dik ingepakte kinderen met blozende wangen met schitterende ogen op houten sleeën die krasten over het ies.
Teuntie en Bettie* waren de Ard Schenk en Kees Verkerk van ooze buurt. Die konden schaatsen!! Wakken en scheuren trotserend rondjes draaien op de Bleek. Bettie was altied degene die Teuntie te snel afwas. Dat kwam omdat Teuntie de bochten niet durfde te nemen hij kon geen pootje over.


Op een ijskoude middag ergens in februari stond ik samen met Mattie op het krakende, zingende ijs. Teuntie kwam in volle vaart aan rijden: "Ik kan nie remm'n, ik kan nie remm'n..."

Hij botste tegen mien breur aan en samen smakten ze op het harde ijs. Mattie schreeuwde het uit van pijn. Teuntie kon echter niet omhoog komen omdat zijn schaatsen weg gleden onder hem. Het was een vallen en opstaan daar in de hoek van de Bleek.

Daar zoefde Bettie voorbij. "Ik bin joe wa vief rondjes veur. Woar blief ie met joen protestantse schaatsen?"


Hans die de schaatsen van oom Gerard onder zijn schoenen had gebonden, kon ook niet schaatsen, maar als ie iemand vasthield wel op stoan.
Plotseling schoven zien schaatsen met de gemene punten naar voren en mien breur verloor zijn evenwicht, maar kon zich nog net vast griep'n aan Mattie, die net aan het biekoom'n was van de botsing met Teuntie.

Mattie viel steil achterover met zien bil in de deurlopers van oom Gerard. Hij schreeuwde het uut van pijn en kou...


Daar kwam Bettie alweer aan schaatsen, "Ik bin de tel kwiet maar volgens mie lig ik wa tien rondjes veur op joe."


"Ach opschepper", zei Teuntie. "Om mie lig ie honderd kilometer veur op mie. Ie hebt gewoon mazzel dat mien schaatsen een hekel aan bochten hebben."

reageer als eerste
Meer berichten

Shopbox